Naar een hoogwaardige recensiesite

De laatste jaren doet zich een zichtbare afkalving voor in de ruimte die dag- en weekbladen besteden aan de levende literatuur. Recensies worden niet alleen steeds korter, er komen er ook steeds minder van. De Volkskrant en Vrij Nederland beknibbelden op de ruimte voor boekbesprekingen en nadat Het Financieele Dagblad jaren geleden al was opgehouden met het volgen van de eigentijdse poëzie, hield het in april van dit jaar ook de Nederlandstalige en buitenlandse fictie voor gezien. ‘Dat maakt voor onze lezers niet meer het verschil’, aldus de hoofdredacteur. Hij staat in deze mening niet alleen.

Het hoeft geen betoog dat deze ontwikkeling schade doet aan het literaire klimaat. Lezers en schrijvers hebben belang bij een intensief, geschakeerd en veelstemmig debat over de literatuur van heden én verleden, die hoe je het ook wendt of keert, een vitaal element in onze beschaving vertegenwoordigt. Het is geen loze bewering dat gedichten, romans, verhalen, essays en toneelstukken de samenleving een spiegel voorhouden.

Hoe deze ontwikkeling te keren? "Internet", zal men zeggen. De literaire recensiesites groeien inderdaad in tal en last. Het fenomeen worstelt niet alleen met wildgroei, ook de kwaliteit is een probleem. Op enkele uitzonderingen na excelleren internetrecensenten in het omstandig navertellen van de inhoud van het besproken boek. Een verrassende interpretatie, een scherpe analyse, literairhistorische kennis en bovenal een markant, persoonlijk oordeel zijn schaars.

Ik zie een mogelijke oplossing waarbij de literatuur en internet kunnen baten. Laat men een hoogwaardige recensiesite opzetten waaraan wordt meegewerkt door gekwalificeerde, goed schrijvende en vooral eigenzinnige critici. Die moeten dan wel naar behoren worden gehonoreerd voor hun werk en niet afgescheept met een fooi of een fles hoofdpijnwijn met Kerst, zoals helaas gebruik is in de culturele sector waar men er gewoonlijk van uitgaat dat wie zich met kunst en literatuur bezig houdt er behagen in schept om armoe te lijden op een onverwarmd zolderkamertje. Er moet financiering komen, van sponsors als de Stichting Lezen en de organisaties van uitgevers en boekhandelaren. Uit welbegrepen eigenbelang.

 

 

 

Jaap Goedegebuure (*1947) was tot 2012 hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit Leiden. Daarvoor vervulde hij leeropdrachten aan de universiteiten van Berlijn, Tilburg en Nijmegen. Hij publiceert regelmatig over de literatuur van de negentiende en twintigste eeuw. Zijn laatst verschenen boek is Nederlandse schrijvers en religie 1960-2010 (2010). Hij is literatuurcriticus voor Trouw en non-fictiemedewerker voor Het Financieele Dagblad.