Ice Bucket Challenge

We lopen door de straten met onze smartphone op een lange stok, klaar om op elke toeristische plek selfies te schieten, waarbij het ‘ik’ uitvoerig geprojecteerd wordt op het eigen netvlies. We verkopen ons persoontje op LinkedIn en sociale mediasites en creëren zo het ideale beeld van wie we zijn. We twitteren ijverig mee met allerhande pop-up nieuwsflashes. Iemand leren kennen in de theaterzaal, op straat, op het plein, in de kroeg of op het werk wordt zeldzaam. Liever verschuilen we ons achter de computer en zoeken daar wel de ideale match. Als de eigen partner wat saai geworden is of de passie is er uit, zoeken we er een tweede uit op sites als ‘Another Love’, waar je anoniem en gemakkelijk een kortstondige scheve schaats kan rijden. Zo digitaliseren we relaties en idealiseren onszelf op internet, een logisch gevolg van de informatisering, globalisering en individualisering, kenmerken van de laatmoderne samenleving waarin we nu leven. Is dat een evolutie die we moeten tegengaan? Nee, dat kunnen we niet. Is het een ideaal levenspatroon? Ik denk het niet. Is het efficiënt? Voor velen wel. Je kan immers veel sneller, goedkoper en met minder inspanningen met veel meer mensen contacten onderhouden… Er zijn dus voor- en nadelen aan technologie.

Je kan sociale media ook gebruiken om betrokkenheid te tonen. Om die reden vind ik het beste idee van afgelopen jaar de Ice Bucket Challenge. Het gaat om een activiteit die wel moderne technologie gebruikte, deze keer niet om selfies te maken, maar om fondsen in te zamelen voor ALS, een specifieke neurologische aandoening. Deze zogenaamde ‘ijsemmeruitdaging’ is een ‘internetmeme’ die in augustus 2014 ontstond in Amerika. Personen worden genomineerd waarna ze, als ze de uitdaging aangaan, het volgende moeten doen: een emmer ijswater over hun hoofd (laten) gieten, hier een videofilm van maken, deze op het internet plaatsen en € 10 doneren aan het fonds. Wie niet, zoals president Obama, voor de ogen van de virtuele wereld wil bevriezen moet minstens € 75 doneren voor patiënten met deze ziekte. Velen gingen de uitdaging aan, zoals Lady Gaga, Bill Gates, Matt Damon, ex-president Bush, Justin Timberlake, Beyonce en andere beroemdheden. Hierbij daag ik wereldcriminologen als René Van Swaaningen (Erasmus Universiteit Rotterdam), Tom Vander Beken (Universiteit Gent), Amadeu Recasens (Universiteit Porto) en Jack Greene (Michigan State University) uit de wereld een voorbeeld te stellen met een ijskoude wake-up-call, deze keer niet voor ALS, maar voor een pleidooi tegen verzuring in de steden. Als zij een onbaatzuchtige daad van betrokkenheid in het stedelijk leven demonstreren op het net (zoals de stoep schoonmaken bij de buur, met daklozen op zoek gaan naar een onderkomen, vluchtelingen bijstaan of het sociale verkeer in de metro opfleuren) bespaar ik deze vrienden die ijskoude douche, die wellicht kouder voor het hart is dan wat ik nu van hen vraag.

 

 

 

Elke Devroe is criminologe en als hoofddocent verbonden aan de internationale master ‘crisis & security management’ van het Instituut Bestuurskunde, campus Den Haag, en is begaan met sociale cohesie in de grootstedelijke context. Ze verricht onderzoek naar overlast in de stad en de aanpak ervan, plural policing in de grote steden en de houding van de politie ten opzichte van grootstedelijke problemen.