Zonder politieke visie geen democratie

Zouden we de maatschappij nog wel op dezelfde manier inrichten als we met de wetenschap van nu, maar met dezelfde idealen als vroeger, een nieuw democratisch systeem zouden inrichten?

Stemmen is een recht, maar al lang niet meer een vanzelfsprekendheid. We gaan eens in de zoveel tijd naar de stembus,  maar de opkomstcijfers staan elke keer weer onder druk. De onderbuik van de maatschappij vertrouwt de politiek al lang niet meer.

De wereld is ondoorzichtig geworden in haar eigen transparantie, burgers voelen zich ontheemd in een wereld van informatievoorziening, waarin de vertrouwde duiding van je eigen partij of je eigen krant is weggevallen. Je hoeft geen professor te zijn om te merken dat de democratische controle op nationale en internationale besluitvormingsprocessen ver te zoeken is. Tegelijkertijd zien we de uitkomst van die besluitvorming en hebben we meer en meer het inzicht dat die lang niet altijd op een goede manier verloopt. Sommige politici spelen hier op in door te eisen dat wij onze autonomie ten opzichte van Brussel terugwinnen: “meer macht naar de hoofdstad” is een geliefde uitspraak.

In die impasse lijkt de kloof tussen de burger en de politiek steeds groter te worden, een kloof die je misschien nog wel sterker ziet bij de nieuwe generatie. Dat is een generatie die gebruik maakt van andere communicatiemiddelen, maar die vooral op een andere manier naar de wereld kijkt. Niet alleen politieke partijen hebben moeite om een nieuwe generatie aan hun idealen te binden. Voor de vakbonden geldt hetzelfde: ze zien hun ledenaantallen dalen, want wie werkt nog in loondienst? En het omroepbestel is georganiseerd rondom het antieke stelsel van verenigingsleden, terwijl een nieuwe generatie zich zappend en online door het medialandschap begeeft.

Bij Coolpolitics vragen wij ons af of we de samenleving niet op een andere manier moeten opbouwen. Er wordt wel gesproken over democratische vernieuwing, maar dat leidt zelden tot echt nieuwe vormen van democratie. Ervan uitgaande dat de basiswaarden van onze democratie (zoals vrijheid, gelijkheid en de bescherming van minderheden) nog altijd de moeite van het beschermen waard zijn, stellen we onszelf hardop de vraag: als we helemaal opnieuw konden beginnen, hoe zouden we onze democratie dan inrichten? Hoe kunnen we deze waarden vertalen naar nieuwe instituties, waar we in de toekomst mee vooruit kunnen?

Een overheid van deze tijd staat meer open voor haar burgers; staat middenin de samenleving. Ze kent geen ingewikkelde procedures en regelgeving, maar ze weegt belangen af en zoekt samen met burgers naar de beste oplossing. Geen overheid op afstand, maar een overheid dichtbij. In de politiek is dan geen ruimte mee voor traditionele partijen: de politiek is flexibeler, gebaseerd op lossere coalities: Kamerleden switchen tussen verschillende fracties.

Dat klinkt enorm pragmatisch, maar dat betekent niet dat we politieke visie mogen vergeten. Daar is namelijk behoefte aan in Nederland: niet alleen maar bezuinigen, maar ook formuleren welke richting je op wil. Er is veel gezegd over factfree politics:factcheckers houden politici scherp in de gaten en wetenschappelijk onderzoek vormt steeds vaker de basis van het politieke debat. Maar teveel aandacht voor de facts mag nooit leiden tot perspectiefloze politiek, want juist daarin schuilt de verklaring voor het afnemende draagvlak van politici.

Voor mij is de herontdekking van de visie in de politiek het idee van 2013. En het is daarom dat ik dat debat wil voeren. Het is onze missie om jongeren in Nederland nieuwe vormen te bieden waarop zij invulling kunnen geven aan hun burgerschap, hen een platform bieden om de noodzakelijke verandering af te dwingen.