Maak van economie weer een echte sociale wetenschap

De overheid grijpt diep in het leven van de burger in. Het meest direct merken we dat bij alle belastingen die we betalen en de uitkeringen die we ontvangen. Maar ook op vele andere terreinen, zoals de gezondheidszorg, de woningbouw, de werkgelegenheid, het onderwijs, milieu en verkeer en vervoer, is de overheid van grote invloed.

Veel van het overheidsbeleid steunt op economisch onderzoek. Bij de opstelling van de rijksbegroting spelen de voorspellingen van het Centraal Planbureau een hoofdrol. Maar ook politieke partijen, ministeries, provincies en gemeenten laten economisch onderzoek uitvoeren ter onderbouwing van hun beleid. Kortom, via vele kanalen is de economische wetenschap van invloed op het overheidsbeleid en daardoor op het wel en wee van de burger, wat hoge eisen stelt aan de kwaliteit van economisch onderzoek.

De economische wetenschap is gericht op de verklaring van het gedrag van producenten en consumenten in situaties van schaarste. Ook bestudeert zij de economie van aggregaten, zoals de totale Nederlandse economie. Hierbij gaat het om zaken als de ontwikkeling van het bruto nationale product, de totale consumptie, het financieringstekort, de staatsschuld, investeringen, werkgelegenheid, prijsniveau, export en import.

De grondleggers beschouwden economie als een sociale wetenschap die onlosmakelijk verbonden is met de andere sociale wetenschappen, vooral de sociologie, politicologie en psychologie. In de loop der tijd is de economische wetenschap zich steeds verder gaan verwijderen van haar zusterwetenschappen. Ze creëerde haar eigen prototypen waarmee ze het economisch gedrag ging verklaren: een rationele, puur op eigen belang gerichte consument en een louter op maximale winst georiënteerde producent. Sociologische en psychologische aspecten van het menselijk gedrag, die natuurlijk ook van invloed zijn op het economische gedrag, zoals percepties en vertrouwen, verdwenen naar de achtergrond. Hoewel meerdere Nobelprijswinnaars gedurende de afgelopen vijftig jaar herhaaldelijk gewezen hebben op de tekortkomingen van deze benadering en alternatieven hebben aangedragen, is daar slechts mondjesmaat gevolg aan gegeven. In de economische theorie en het beleidsondersteunend onderzoek spelen sociologische en psychologische factoren nog steeds een ondergeschikte rol. Een gevolg is een gebrekkige verklaring van veel economische verschijnselen en tegenstrijdige beleidsadviezen. Bijvoorbeeld: terwijl de ene groep economen met een beroep op het vertrouwen van consumenten en de financiële markten bepleit om het financieringstekort en de staatsschuld onder de Brusselse normen te brengen, bepleit een andere groep, met een beroep op datzelfde vertrouwen, om de economie te stimuleren en het financieringstekort en de staatsschuld maar wat verder op te laten lopen. Vanwege de gebrekkige kennis van psychologische en sociologische aspecten van het economisch gedrag, onder andere van perceptie en vertrouwen en hun onderlinge relaties, geeft de economische wetenschap geen uitsluitsel. Om het beleid beter te ondersteunen is het noodzakelijk om uit te gaan van alle factoren die van invloed zijn op het economisch handelen en ook rekening te houden met de sociologische en psychologische. Kortom, om het beleid beter van dienst te kunnen zijn, is het zaak dat economie weer een echte sociale wetenschap wordt.