De p-index

Neponderzoek, verzonnen data, labfraude, plagiaat. Het imago van de wetenschap heeft er wel eens beter voor gestaan. Toch zijn het niet per se de kwaadaardige fantasten die de grootste schade aanrichten. Want naast mediagenieke valsspelers als Mart Bax en Diederik Stapel bestaat er nog een andere categorie wetenschappelijke bedriegers die tot nu toe buiten schot is gebleven.

Dat zijn de meelifters. En die zijn met véél meer.

Wetenschappers worden afgerekend op hun publicaties. Daarbij gelden grofweg drie regels:

  1. Hoe meer artikelen, hoe beter.
  2. Hoe vooraanstaander het tijdschrift, hoe liever.
  3. Hoe vaker je geciteerd wordt, hoe meer aanzien.

De algemeen geaccepteerde graadmeter voor de precieze publicatiewaarde is de zogeheten h-index, vernoemd naar bedenker en natuurkundige Jorge E. Hirsch.

Om die index op te krikken - en dus makkelijk subsidies en status binnen te halen - is het zaak zoveel mogelijk artikelen op je naam te hebben staan. Of je nu een substantiële bijdrage aan het bijbehorende onderzoek hebt geleverd, doet er voor de berekening niet toe. Als je maar tussen de auteurs staat. Gevolg: bij veel publicaties is de auteurslijst langer dan het daadwerkelijke artikel.

Dat was twee jonge Leidse medici, Maarten Rozing en Ahmad Aziz, een doorn in het oog. ‘Je begint met vier, vijf auteurs die alles gedaan hebben’, verklaarde Rozing in Mare. ‘Dan is de publicatie af, maar er ontstaat vervolgens een soort vacuüm waardoor extra auteurs erbij worden gezogen. Je eindigt zo met 25 man.’ Aziz: ‘Je ziet dat er mensen zijn die maar weinig originele ideeën hebben, maar die wel in heel veel publicaties verschijnen. Dat is uiteindelijk slecht voor de wetenschap, omdat zij de schaarse middelen krijgen die eigenlijk aan betere wetenschappers toebehoren, mensen die minder parasitair bezig zijn.’

De twee bedachten een oplossing. In het wetenschappelijke tijdschrift PLoS ONE introduceerden ze hun zogeheten p-index, waarin ze op wiskundig verantwoorde wijze het ere-wie-ere-toekomt-principe hebben versleuteld. De h-index wordt zo gecorrigeerd op ware wetenschappelijke creativiteit.

De letter P stond aanvankelijk voor parasite (‘om de discussie aan te wakkeren’) maar dat werd na overleg wat vervriendelijkt totprofit.

Het eerste lijstje met (vooralsnog anonieme) proefprofessoren liet al meteen spectaculaire verschuivingen zien. Het wordt hoog tijd om de totale academische rangorde eens goed op te schudden.

link artikel PLoS ONE: http://www.plosone.org/article/info%3Adoi%2F10.1371%2Fjournal.pone.0059814